Boekverslag: SuperTex
A) ADMINISTRATIEF
1) De titel van het boek is; ’Supertex’.
2) De schrijver van het boek heet; Leon de Winter.
3) De schrijver is geboren in Den Bosch.
4) Dit boek is voor het eerst gedrukt in september 1991. Ik heb zelf de derde druk gelezen, die is gedrukt in februari 1992.
5) Uitgeverij de Bezige Bij in Amsterdam heeft het boek gepubliceerd.
6) Het boek heeft 252 bladzijdes.
B) SAMENVATTING
Na de dood van zijn vader leidt de zesendertigjarige Max Breslauer het succesvolle SuperTex-imperium, een keten winkels van goedkope confectiekleding. Hij woont samen met een beeldschone vriendin, Maria de Jong ( De ex-minnares van zijn vader.), bezit een Penthouse aan de Amstel en rijdt een Porche 928 S. Op een zaterdag in oktober 1990 rijdt 's morgens vroeg met 120 km per uur naar de zaak om Jimmy Tdjin in Thailand te bellen, omdat zijn secretaresse,Yvonne, haar plicht had "verzuimd". Onderweg rijdt hij de jongste zoon uit een orthodox-joodse familie aan en er ontstaat veel commotie. Max belt Maria en Robbie Goudsmit, zijn advocaat. Tevens belt hij zijn psychiater, mevr. dr. Jansen, op en eist een onmiddellijk consult. Aan haar vertelt hij zijn levensgeschiedenis.
Zijn vader, Simon Breslauer, was afkomstig uit het Poolse Lemberg en had in de oorlog het concentratiekamp Belzec overleefd. Hij was later handelaar in textiel geworden, in een kraam aan de Amsterdamse Dappermarkt , en met succes, want toen hij stierf stond hij aan de top van Euro Textiel International BV (ETI). Hij was altijd een veeleisende man geweest, die van zijn oudste zoon onder meer verwachtte dat hij meester in de rechten werd. Zijn jongste zoon , Boy, was minder begaafd en kreeg een baan op de boekhoudafdeling van het bedrijf. Max werd advocaat, maar trad na een aantal jaren ook in dienst van zijn vader. Tijdens het bezoek van een beurs in Milaan legde hij contact met de Marokkaanse broers Jean-Pierre en Louis Mohammed, die hem een aantrekkelijk aanbod deden. Zijn vader had er echter geen oren naar en daarom was Max zelf met de broers in zee gegaan. Hij had namelijk zijn eigen BV opgericht, Maximaal.
Zijn vader belandde in juni 1989 met zijn mercedes 560 SEL in de loosdrechtse plassen en verdronk. Een maand later werd hij gebeld door een vrouw die zich voorstelde als Maria de Jong. Ze vertelde hem dat ze een verhouding had gehad met zijn vader. Aanvankelijk weigerde Max haar te geloven , maar Boy, die van de verhouding op de hoogte was, bevestigde haar verhaal. Ze ontmoetten elkaar in een van de restaurants van het Okura Hotel. Hoewel zij hem niet openlijk chanteerde, begreep Max toch dat het beter was haar te geven wat zij vroeg: het behoud van haar auto, haar flat en haar maandelijkse toelage. Na verloop van tijd begon Max zelf een verhouding met haar. Max en Boy waren orthodox-joods opgevoed. Hun ouders waren er ook altijd van uitgegaan dat zij een joods meisje zouden trouwen. Toen Max in de ogen van zijn moeder wat erg lang vrijgezel bleef, had zij hem op een aantal geschikte huwelijkskandidaten gewezen. Uiteindelijk koos hij echter zelf en wel voor Esther d'Oliviera, een nieuwe partner in de advocatenmaatschappij waar hij werkte. Zij had net een huwelijk achter de rug een musicus die alcoholproblemen had en haar nog steeds lastigviel. Regelmatig sloeg hij haar spullen kort en klein. Op een dag pleegde hij zelfmoord en Esther kreeg hiervan van zijn familie de schuld. Dat bracht haar in grote problemen. Ze vond pas vrede toen zij zich tot de orthodoxie bekeerd had. Max weigerde haar daarin te volgen en raakte haar op den duur kwijt. Zij was naar Israël verhuisd; Max bracht daar een aantal dagen met haar door en keerde toen terug naar Amsterdam. Maandenlang ging hij regelmatig naar haar toe , maar hij wilde zich niet in Jeruzalem vestigen. Later is Esther daar getrouwd met een Amerikaanse Talmoedgeleerde. Niet lang daarna werd hij tweede man bij ETI.
Rond één uur gaat Max even naar huis; Maria vertelt hem dat ze besloten heeft hem te verlaten. Per taxi keert Max terug naar de psychiater.
Boy was heel wat minder begaafd, minder rusteloos en ingetogener. Na een korte verkering met de onaantrekkelijke Lea van Gelder, de enige dochter uit een goed-joodse familie, vroeg hij haar ten huwelijk.Vlak voor het huwelijk stuurde Max, die intussen zijn vaders plaats had ingenomen, hem naar Casablanca om zijn contract met de broers Mohammed te verlengen. Het was de eerste keer dat Boy zo'n opdracht kreeg en hij liet zich dan ook als een echte beginneling in de maling nemen door de Marokkanen. Het contract werd niet verlengd, maar verbroken. Een dag later werd hij opnieuw het slachtoffer van zijn naïviteit. Ene Abdul Khalil, die zich ook als zakenman voorstelde, 'leende' zolang vierhonderd dollar van hem om medicijnen te kunnen kopen. Boy besefte al gauw dat hij naar zijn centen kon fluiten en ging op zoek naar de man. Hij vond hem in de stad, volgde hem naar zijn huis en ontdekte dat hij ook een jood was en in werkelijkheid David heette. Boy werd door Davids familie gastvrij ontvangen. Hij ontmoette de beeldschone Sulamit, op wie hij hevig verliefd werd. Hij besloot zijn oude leven op te geven en aan de zijde van Sulamit als orthodoxe jood in Casablanca verder te leven. Hij begon een zaak in chemische wc-units. Max en Lea, die volledig overstuur was, reisden naar Boy, maar konden hem niet van gedachten doen veranderen.
Max wil geen verdere therapie. Aan het eind van de middag loopt hij naar huis terug; onderweg 'herkent' hij in de bestuurder van een zwarte Mercedes zijn vader. Hij voelt zich leeg, alles wat hem dwars zat heeft hij aan de psychiater verteld. Tegelijkertijd heeft hij een voldaan gevoel, want zijn lange 'biecht' heeft hem duidelijk gemaakt hoe hij zijn leven voortaan moet inrichten om gelukkig te zijn.
C) ANALYSE
1) De verklaring van de titel is op zich niet zo moeilijk. 'Supertex' slaat op het bedrijfsnaam waar Max Breslauer (de hoofdpersoon) directeur van is geworden. Hij had die winkelketen overgenomen van zijn vader, die een paar jaar daarvoor was overleden. Supertex is een soort Zeeman. (goedkoop confectiebedrijf)
2) Het genre van het boek is roman en proza, want het is in een proza stijl geschreven, (allerdaags verhaal in duidelijke bewoording opgeschreven.) verdicht verhaal van betrekkelijk grote omvang. De hoofdpersoon maakt karakterontwikkelingen mee.
3) De hoofdpersoon uit dit boek is Max Breslauer. Hij is een karakter omdat hij een evolutie doormaakt. In het begin van het verhaal is hij onzeker en begrijpt hij de daden van zijn vader niet. Doorheen het verhaal echter begint hij zichzelf te ontdekken en leert hij zijn vader appreciëren.
Max Breslauer gedraagt zich als een welgestelde en dit komt tot uiting in zijn uiterlijk. Hij is zwaarlijvig en heeft zwart haar. Zijn persoonlijkheid is onzeker, want hij kan niet goed voor zijn gevoelens uitkomen en dat maakt hem soms agressief. Hij is Jood, maar gelooft niet en houdt zich dus ook niet aan de regels die het geloof hem voorschrijft.
Max Breslauer is 36 jaar oud en verkeert in een midlifecrisis. Hij leidt de winkels van Supertex. Hij is zwaarlijvig en leeft in luxe. (penthouse, Porsche etc.) Hij had een slechte relatie met zijn vader Simon Breslauer, die teveel druk op hem uitoefent. Hij denkt dat hij een mislukkeling is vanwege zijn mislukte relaties en omdat hij als Jood in luxe leeft, wat volgens anderen niet kan. Hij twijfelt sterk aan de juistheid van zijn levenswijze en stelt zich onder behandeling van psychiater Jansen.(Bij wie hij al eerder was geweest in verband met zijn slechte relatie met zijn vader en zijn impotentie)
Max verandert van karakter. In het begin van het verhaal begrijpt hij zijn eigen karakter nog niet, maar verderop in het verhaal komt hij er achter dat hij precies hetzelfde karakter heeft als dat van zijn vader. Uiteindelijk heeft hij veel respect voor zijn vader, aan wie hij eerst een hekel had. Hij begint ook zelf gebruik te maken van de Joodse spreekwoorden die zijn vader dikwijls uitsprak.
De bijpersonen uit dit boek zijn: Simon Breslauer, Esther, Maria, psychiater Jansen en Benjamin.( Boy)
Simon Breslauer: vader van Max. Hij was net als zijn zoon erg onzeker en kon ook niet voor zijn gevoelens uitkomen. Ook hij kon daardoor wat agressief overkomen. Hij was verschrikkelijk patserig. Hij at veel, boerde en liet winden onder het eten en maakte overal erg veel lawaai bij.
Simon Breslauer is afkomstig uit het Poolse Lemberg. Hij is een overlevende van concentratiekamp Belzec. Daar heeft een oude (Joodse) man hem onder zijn hoedde genomen en hem alle Jiddische spreekwoorden geleerd. Dat heeft er voor gezorgd dat hij die altijd gebruikt. In 1952 is hij naar Amsterdam gegaan. En op 26 juni 1989 is hij verdronken toen hij met zijn Mercedes de Loosdrechtse Plassen inreed. Hij is erg streng en veeleisend tegenover zijn twee zonen. Hij ziet ze niet voor vol aan bv. als Max goede voorstellen, waar hij weken aan heeft gewerkt, aan hem laat zien kijkt hij er nauwelijks naar.
Esther: Esther is de eerste en enige liefde van Max. Ze hebben een tijdje een relatie gehad, maar Esther maakte het uit, omdat ze orthodox-joods wilde leven in Israël. Max was hier helemaal kapot van.
Maria: de vader van Max had een geheime relatie met Maria. Max wist hier niks van af, maar na de dood van zijn vader kwam hij erachter en kreeg vervolgens zelf een relatie met Maria.
Psychiater Jansen: Max twijfelt sterk aan de juistheid van zijn levenswijze en stelt zich onder behandeling van psychiater Jansen.(Bij wie hij al eerder was geweest in verband met zijn slechte relatie met zijn vader en zijn impotentie.)
Benjamin: Max had ook nog een broer, Benjamin, die ook wel Boy werd genoemd. Toen Boy bijna ging trouwen, stuurde Max hem naar Marokko voor zaken. Daar ontmoette Boy de vrouw van zijn leven, hij werd sterk orthodox-joods en hij liet zijn Amsterdamse verloofde in de steek.
4) Max vertelt zijn levensgeschiedenis op een zaterdag in oktober 1990.
Het boek is niet en wel chronologisch geschreven: als je het ziet vanuit de dag waarin Max alles vertelt, is het wel chronologisch geschreven, het begint op een zaterdagochtend en eindigt ‘s avonds. Door de vele flashbacks is het echter niet chronologisch omdat hij vele sprongen maakt doorheen de tijd op de bank van de therapeute. De flashbacks gaan over het leven van Max en van zijn vader.
De vertelde tijd beslaat de jaren tussen 1930 en 1990.
5) In dit boek is de ik-vertelsituatie gebruikt.
De ik-figuur wordt vertegenwoordigd door Max Breslauer, het hoofdpersonage.
Het boek stelt een soort biecht voor, waarin we Max zeer goed leren kennen, zowel uiterlijk als innerlijk. We beleven het verhaal door de ogen van Max Breslauer.
6) Het verhaal speelt zich voornamelijk af in een kamer van de therapeute in Amsterdam.
En wat Max vertelt aan de therapeute speelt zich af in de rijke buurt van Amsterdam, Marokko, (Casablanca) Israël,
7) Het boek bestaat uit dertien genummerde hoofdstukken zonder titels. De oneven hoofdstuknummers en hoofdstuk twaalf, met uitzondering van hoofdstuk elf, vormen het heden en in de rest komen we Max z’n geschiedenis te weten door wat hij aan de psychiater vertelt.
Het boek heeft een gesloten einde, want Max komt achter zijn ware identiteit. Aan het einde blijven er ook geen vragen onbeantwoord. Je zou je kunnen afvragen of Max zich nu ook gaat bekeren tot het joodse geloof en of Maria bij hem terugkomt.
Er zijn in het boek twee motto’s vermeld:
- A sjo in gan-eydn iz ojk gut. (Vertaling: één uur in het paradijs is ook de moeite waard)
Dit is een Jiddisch spreekwoord. In het boek komen veel Jiddische spreekwoorden voor, die Max van zijn vader geleerd had. - Voor Gideon Spitz, waar hij nu ook mag zijn
8) Centraal staat het gevoel van vervreemding (identiteitscrisis) en de tegenstelling tussen materialisme en idealisme. 'Een jood in een Porche, kan dat?'
Het joodsorthodoxe geloof waartegen Max zich afzet speelt natuurlijk ook een grote rol. Symbolisch hiervoor is het aanrijden van de joodse jongen.
Ook komt in het boek de strijd tussen vader en zoon (generatieconflict) duidelijk naar voren. Je zou de vader en het joodsorthodoxe geloof als het ware als één zien; het zijn de wortels van Max waarvan hij is losgeslagen. Hij hoort dus niet meer bij zijn vader en bij het joodse milieu, maar temidden van de 'gojs' voelt hij zich evenmin op zijn plaats. Hij is 'verdwaald' (zo noemt hij het zelf).
Het zakenleven komt ook voor in het boek. Zo praat Max over trucs in het zakenleven en er komen allerlei merknamen voor in het boek.
Twijfel speelt ook een rol in het boek (kun je als jood in luxe leven?).
Enkele andere motieven zijn: welvaart en luxe, mislukte relaties, psychoanalyse en veel joodse geschiedenis (In het boek komen erg veel joodse spreekwoorden voor.
9) Een deel uit het boek dat kenmerkend is voor het taalgebruik in het boek:
“ Ik haalde mijn neus op en sloot het raam. Hardop, alsof ze het nog kon horen, zei ik:’Hob mick weinig lieb, nor hob mick lang lieb.’ Je hoeft niet veel van me te houden als het maar lang duurt.
Het boek leest vlot weg. Er komen haast geen moeilijke woorden in voor en er werden ook geen lange zinnen gebruikt. Opvallend was het gebruik van joodse spreekwoorden en zinnen, die allemaal vertaald werden.
D) INFORMATIE OVER DE SCHRIJVER
Leon de Winter is op 24 februari 1954 in 's Hertogenbosch geboren als zoon van een orthodox-joodse ouders. Hij groeit op in een niet-joodse omgeving. Vanaf 1966 bezoekt hij in zijn geboorteplaats het gymnasium en in Waalwijk het gereformeerde Willem van Oranje-College. In 1973, een jaar voor hij zijn diploma haalt, wordt De Winter voor het eerst bekroond: zijn novelle 'Revolutie' krijgt de ontmoetingsprijs van de Stichting Literaire Dagen. Leon de Winter verhuist in 1974 naar Amsterdam, waar hij aan de Nederlandse Filmacademie gaat studeren. Uit ongenoegen met het onderwijsniveau op de Filmacademie publiceren De Winter en anderen (onder wie Rene Seegers en Jean van de Velde) eind 1976 een zwartboek, waarin het sterk ambachtelijke karakter van de opleiding bekritiseerd wordt. Op 1 januari 1978 verlaat De Winter met Seegers en Van de Velde de academie, zonder eindexamen te hebben gedaan. De eerste speelfilm van het drietal, sinds 1980 verenigd in de Eerste Amsterdamse Filmassociatie (EAFA), gaat in 1979 in première: De verwording van Herman Durer. De roman, De wording van de jongere wereldverbeteraar (1978) is gebaseerd op het filmidee. In 1979 krijgt De Winter voor deze eerste roman de Reina Prinsen Geerligsprijs. Voor de televisie maakt het trio in 1978 en 1980 enkele films: o.a. Vanuit het heden, Junkieverdriet en De wereldverbeteraar. Toneelgroep Centrum brengt in 1981 Junkieverdriet op de planken, een toneelstuk van De Winter, Seegers en Van de Velde naar aanleiding van de levensloop van de Vlaamse dichter Jotie T'Hooft. Eind 1981 gaat de tweede speelfilm van de EAFA in première: De afstand. Leon de Winter is vanaf 1978 tot 1982 als recensent van voornamelijk Duitstalige literatuur aan Vrij Nederland verbonden. Daarna is zijn medewerking incidenteel, evenals die (vanaf 1982) aan De Volkskrant. Literaire verhalen en essays verschijnen tot 1982 hoofdzakelijk in Raster, Mandela en New Found Land. La Place de la Bastille en Zoeken naar Eileen W. zijn in respectievelijk 1984 en 1987 verfilmt door Rudolf van den Berg. De angst voor leegte, de stilstand en de dood zijn de centrale themas in De Winters proza. Deze angst tracht hij te bezweren door literaire zoektochten naar verborgen verbanden in de realiteit te organiseren. In die drukkende leegte zonder verleden of toekomst komen De Winters vaak reizende personages nooit ergens aan. Ze zijn slachtoffers of veroordeelden en altijd op weg. Hun leven wordt door autoriteiten en toeval beheerst. Andere boeken van De Winter zijn: Hoffman's honger, De ruimte van Sokolov, Kaplan, Vertraagde roman, Zoeken naar Eileen W., La place de la Bastille, De (ver)wording van de jongere Durer.
E) EIGEN MENING
Ik heb dit boek gekozen omdat de onderwerpen, Jood zijn en zakenwereld, mij het meest aanspraken. Het was geen dikke pil. Toen ik in de bibliotheek zo eens het boek doorbladerde en hier en daar een stukje las bevielen de stijl en de zinsbouw mij wel. Omdat ik nog nooit iets van Leon de Winter gelezen had was wist ik niet wat voor boeken hij schreef. Dat was dus geen reden om juist dit boek te lezen. Wel was ik benieuwd naar deze
schrijver.
Ik las makkelijk door het boek heen, in het begin stoorde al die
Joodse spreekwoorden mij, maar later, vooral op het eind, toen ze een rol in het verhaal gingen spelen vond ik ze niet meer storend. De zinnen waren kort wat het boek redelijk simpel en overzichtelijk maakte. Af en toe maakte de vele flashbacks het verhaal een beetje moeilijk te volgen.
De woordkeus echter is goed, duidelijk en simpel, daardoor is het boek makkelijk te lezen. Je hoeft niet stukken te herlezen om te begrijpen wat de schrijver nu eigenlijk bedoelt. Dit komt ook doordat de zinnen duidelijk en kort zijn met weinig details en uitvoerige beschrijvingen. Hoewel op de achterkant staat dat het een hilarische roman is, is de humor mij een beetje
ontgaan.
De tegenstellingen maken het boek helder en duidelijk. De manier
waarop dingen beschreven worden maakt deze roman heel realistisch, ook als je niet vertrouwd bent met de problemen.
Ik vind de dialogen in dit boek niet echt goed. Ze zijn niet zozeer heel kort of juist heel lang maar ze zijn wel erg oppervlakkig; fragment, blz. 133, Max ontmoet Esther voor de tweede keer:
De deuren gleden openen ik volgde haar naar haar kamer. Steels blikte ik naar haar kont in de strakke spijkerbroek. Met haar schouders drukte ze op de lichtknop. De TL flikkerde aan. `Dit is erg aardig van je,` zei ze. `Het was niks.`
De bedoeling van dit boek is denk ik om op een luchtige, ontspannen manier moeilijke
problemen onder woorden en onder de aandacht te brengen. Dat is de Winter zeer goed gelukt. Want zonder dat het hinderlijk is worden de onderwerpen van Supertex erg vaak benadrukt, onder andere door tegenstellingen te gebruiken. Hierdoor zijn deze dan ook erg duidelijk. De bedoeling dat je dan ook over die problemen nadenkt is veel minder duidelijk aanwezig. Dit komt
ook doordat de schrijver zijn standpunt over problemen zorgvuldig in het midden laat. Hierdoor wordt je zelf ook minder geprikkeld om erover na te denken en uiteindelijk zelf een standpunt in te nemen.
Het probleem is niet herkenbaar voor mij. Ik heb een goede relatie met mijn vader. Godsdienstig zijn we historisch niet beladen, tenminste zo voel ik dat niet. Dit wil echter niet zeggen dat je je de situaties niet goed kunt voorstellen want het boek komt wel heel echt en tastbaar over.
Hoewel het boek erg beeldend is, en daardoor voel je met de hoofdpersoon mee, roept het boek verder niet veel emoties of gevoelens bij me op. De problemen die in Supertex besproken worden zijn niet zo gebracht dat je er na afloop nog eens diep over nadenkt. Misschien heeft de schrijver het boek
zo luchtiger en toegankelijker willen maken, ik vind het jammer.
Positieve verhaalelementen:
Ik vind het mooi hoe Max en zijn vader voor iedere situatie een passend spreekwoord hebben. Ook vind ik het mooi hoe de Winter met zijn tegenstellingen de onderwerpen en daarmee het verhaal zo duidelijk maakt.
Negatieve verhaal elementen:
De dialogen vind ik zwak en oppervlakkig. Sommige onderwerpen konden beter worden uit gewerkt, met meer diepgang. Een voorbeeld hiervan is het wel of niet orthodox worden van Max.
Eindoordeel:
Geweldig mooi boek. Hoewel ik mezelf er niet in kon herkennen zag ik de situaties wel voor me. De dialogen en de af en toe oppervlakkige en luchtige
stijl waren minpuntjes. Maar die maken het boek samen met de contrasten ook tot wat het is: nl. een vlotte eigentijdse leuke roman. Voor iedereen de moeite waard. Zowel voor iemand die dagelijks romans leest als voor iemand die er pas mee begint. Zowel voor iemand die het boek ontspannen op vakantie
leest als voor iemand die het `gedwongen` leest voor een boekverslag. Een echte aanrader dus.
De Winter is de zoon van de handelaar in lompen en oude metalen Moos de Winter en Johanna Zeldenrust. Zijn orthodox-joodse ouders hadden als enigen van hun families de Tweede Wereldoorlog overleefd (op een zus van zijn moeder na) en zij kregen na de oorlog op latere leeftijd vier kinderen van wie Leon de tweede zoon was. De Winter senior ging het financieel voor de wind; het gezin bewoonde een vrijstaande villa.
Boek informatie
- SuperTex
- Leon de Winter
- Nederlands
Handige opties
- Meer boeken van:Leon de Winter
Andere boekverslagen van boeken geschreven door Leon de Winter
1
boekverslag
De (ver)wording van de jongere Dürer
13
boekverslagen
De ruimte van Sokolov
9
boekverslagen
Hoffman's honger
1
boekverslag
Kaplan
10
boekverslagen
La Place de la Bastille

